Vier veelgestelde vragen tijdens online seminar: 'Dag en Nacht met dementie'

Tijdens het online seminar zijn er heel veel vragen gesteld aan de zorgadviseurs achter de chat. Een aantal daarvan hebben we na het seminar nog voorgelegd aan de experts uit het online seminar: verpleegkundig consult Freek Gillissen en casemanager Gerben Jansen. Hieronder vindt u de vragen en antwoorden.

1. Hoe kun je structuur in de dag aanbrengen als iemand alleen woont (zonder partner)?

Die mogelijkheden zijn redelijk beperkt. Soms helpt het om dagelijks een aantal keer telefonisch contact te hebben (het liefst op hetzelfde moment) en aan te geven dat het tijd is voor bijvoorbeeld de medicatie, het ontbijt of een doktersbezoek. Een briefje op de koelkast met wat er die dag moet gebeuren kan ook helpen.
Ook kan het helpen om hulp te vragen aan de buren, zeker als mensen al lang naast elkaar wonen. Vaak zijn mensen bereid om te helpen. Wees dan eerlijk en open over wat er aan de hand is, ook als de persoon met dementie hier tegenop ziet. En geef bijvoorbeeld ook telefoonnummers aan de buren, die zij kunnen bellen als zij zich zorgen maken. 

Er zijn ook veel maatjes projecten speciaal voor alleenstaande mensen met dementie, die kunnen helpen met bijvoorbeeld bij het ondernemen van activiteiten of boodschappen doen. Zorg ook dat er een contact is met een casemanager dementie, die is goed op de hoogte van de mogelijkheden in de buurt en kan die samen met u één en ander opstarten.

2. Hoe kan ik mijn partner ’s nachts in de gaten houden en toch zelf aan mijn nachtrust toekomen?

Zorg er voor dat er geen risico’s zijn als uw partner ’s nachts uit bed gaat, bijvoorbeeld om naar het toilet te gaan. U kunt lampjes gebruiken met een bewegingsmelder, zodat uw partner goed ziet waar hij of zij is. Soms kan een traphekje voorkomen dat iemand de trap afloopt. Ook zijn er speciale belmatten die aangeven dat uw partner aan de wandel is. 

Vanaf het moment dat er nachtelijke onrust is, is het belangrijk dat er nagedacht wordt over hoe lang iemand nog thuis kan blijven wonen. Voor de partner is dit vaak niet te doen. U kunt nog proberen om bijvoorbeeld vrienden, kinderen of soms vrijwilligers te vragen om één of meerdere nachten bij u thuis door te brengen en op uw partner te letten zodat u even één of meerdere nachten goed door kunt slapen. Het is belangrijk om goed aan uw eigen gezondheid te denken, door uzelf als mantelzorger volledig op te offeren helpt u uw partner niet. 

3. Wat voor "activiteit" spreekt een persoon in de laatste fase van dementie (verzonken fase) aan?

In deze fase staat het bieden van comfort centraal. Denk er hierbij om iemand regelmatig aan te raken, zo kunt u laten weten dat u er bent. Massage van de handen, voeten, benen en rug kan een uitkomst bieden als iemand de hele dag in bed verblijft. Gebruik ook veel olie of huidlotion bij de huidverzorging, een droge en beschadigde huid geeft pijn, irritatie en jeuk. 

Vaak is het ook zoeken naar de mogelijkheden, soms helpen bewegende lichtjes of sterretjes op het plafond en zachte muziek die herkenning geeft. Ook zien we vaak dat iemand van de menselijke activiteiten geniet in de omgeving. Plaats uw naaste niet alleen op een slaapkamer maar in de kamer en laat regelmatig weten dat u er bent. Soms vinden mensen het ook heerlijk om nog te genieten van een zonnetje buiten. Bescherm uw naaste dan wel goed tegen de zon, de huid is erg kwetsbaar voor verbranding. Let ook goed op dat uw naaste genoeg drinkt, zeker als uw naaste dit niet meer goed kan aangeven. Hetzelfde geldt voor voeding, experimenteer wat iemand lekker vindt en wat iemand nog verdraagt, honger geeft vaak motorische onrust.

4. Heeft u tips wat te doen bij een verhuizing naar een appartement. Mijn naaste heeft dementie en gaat binnenkort verhuizen.

Dit is afhankelijk van hoe ver het proces van dementie is gevorderd. Ik adviseer altijd om zo vroeg mogelijk te verhuizen zodra dit noodzakelijk is. Het is belangrijk dat iemand zich weer kan gaan kan gaan oriënteren in zijn of haar nieuwe omgeving en die omgeving weer eigen kan maken. 

Als dat moeilijk is dat is het aan te raden te gaan trainen om stapsgewijs samen met de persoon met dementie te gaan ontdekken wat belangrijke faciliteiten zijn zoals winkels, huisarts, openbaar vervoer. Zorg dat de persoon met dementie de eerste dagen na de verhuizing niet alleen is: krijg samen het nieuwe huis op orde en los eventuele problemen samen op. Ook is het belangrijk om geen nieuwe meubels te kopen, neem de oude mee en probeer om de oude omgeving zo veel mogelijk te kopiëren. Bijvoorbeeld het hoekje waar in het oude huis de favoriete stoel staat, zodat iemand toch een vertrouwde plek heeft in het nieuwe appartement. 

Stress is niet goed voor iemand met dementie en heeft zijn weerslag op het geheugen en de vaardigheden. Ondersteuning is daarom de eerste dagen naar de verhuizing heel belangrijk. Bespreek ook met de casemanager wat hij of zij kan doen in deze nieuwe omstandigheden. Het kan ook helpen om de persoon met dementie een paar dagen ergens anders te laten verblijven, bijvoorbeeld bij familie of vrienden totdat de nieuwe woning is ingericht. Het is wel belangrijk om dit te vooraf bespreken met uw naaste.

Benieuwd naar alle tips van Freek Gillissen en Gerben Jansen? Bekijk dan het online seminar Dag en nacht met dementie.