Medicatiebeoordeling

CZ biedt de mogelijkheid om het uitvoeren van een medicatiebeoordeling te declareren. CZ stelt hier wel een aantal voorwaarden aan. Zo moet de apotheker die de medicatiebeoordeling uitvoert een opleiding of cursus hebben gevolgd voor het uitvoeren van een medicatiebeoordeling. Deze opleiding moet wel zijn goedgekeurd door CZ.

CZ stelt een aantal randvoorwaarden aan deze opleiding. De opleiding:

  • is specifiek voor openbare apotheekhoudenden;
  • richt zich op polyfarmaciepatiënten;
  • is ontwikkeld door een erkend opleidingsinstituut;
  • is geaccrediteerd bij de KNMP;
  • bestaat uit minimaal 6 opleidingsdagen, met minimaal 48 contacturen;
  • bestaat uit minstens de volgende onderdelen:

- klinische uitvoering van het farmacotherapeutische zorgproces
- uitvoeren van een farmaceutische anamnese
- gespreksvoering met de huisarts en de patiënt
- praktijkcasuïstiek
- cardiovasculair risicomanagement
- diabetes mellitus
- astma/COPD.

Goedgekeurde opleidingen

Na afronding van de opleiding/cursus ontvangt u als apotheekhoudende een diploma of een certificaat dat u kunt overleggen aan CZ. De volgende opleidingen hebben wij als voldoende beoordeeld:

  • PIAF opleiding
  • Cursus medicatiebeoordeling NVPF
  • Farmacotherapie Expert opleiding van Service Apotheek Nederland
  • Nascholing Medicatiebeoordeling van Stichting Farmaceutisch Onderwijs Limburg
  • Scholing- en begeleidingstraject Medicatie Reviewproject van Connecting Care
  • Opleiding Medicatiebeoordeling van CME-online in samenwerking met IVM
  • Opleiding tot openbaar apotheker specialist (die per 2014 zijn gestart)

Wanneer kan een apotheker zonder opleiding een medicatiebeoordeling uitvoeren?

Het is mogelijk dat u, zonder opleiding voor het uitvoeren van een medicatiebeoordeling, medicatiebeoordelingen uitvoert onder de verantwoordelijkheid van een gecontracteerde apotheekhoudende die hiervoor wel een opleiding heeft gevolgd. Deze apotheker zal de uitgevoerde medicatiebeoordeling evalueren, beoordelen en u voorzien van feedback. De apotheekhoudende met een opleiding fungeert dan als eindverantwoordelijke. Hiervoor gelden de volgende criteria. De eindverantwoordelijke:

  • is door CZ gecontracteerd voor het uitvoeren van een medicatiebeoordeling;
  • voert een kritische analyse uit van de uitgevoerde medicatiebeoordeling;
  • geeft de apotheker adviezen over de vervolgstappen.

Voorwaarden medicatiebeoordeling

Wij constateren bij onze achterafcontroles dat apotheken regelmatig medicatiebeoordelingen declareren die niet aan de voorwaarden voldoen. De voornaamste reden is dat er bij de telling van het aantal chronische geneesmiddelen onduidelijkheid bestaat over de term ‘polyfarmacie’.

Wij zien regelmatig dat de unieke middelen geteld worden, en niet de middelen op ATC3-niveau. We lichten in dit bericht de regelgeving nader toe.

Chronisch gebruik

Chronisch gebruik is als volgt gedefinieerd in de MDR polyfarmacie bij ouderen: chronisch gebruik is > 3 voorschriften in het afgelopen jaar of een voorschrift met een gebruiksduur ≥ 90 dagen in een jaar. Sommige informatiesystemen hanteren voor chronisch gebruik de definitie van een gebruiksduur van ≥ 180 dagen in een jaar. Het hanteren van ≥ 90 gebruiksdagen verdient de voorkeur boven 90 DDD (daily defined dose), omdat zo ook chronisch gebruik van lagere doseringen dan de DDD worden meegerekend.

Combinatiepreparaat

Combinatiepreparaten van twee geneesmiddelen met verschillende ATC3-codes tellen als twee verschillende geneesmiddelen. Dermatologische preparaten en niet-chronisch gebruikte geneesmiddelen worden niet meegeteld bij het bepalen van polyfarmacie.

Voorbeeld: Bij metformine A10BA02 en glibenclamide A10BB01 zijn de eerste 3 posities “A10” gemeenschappelijk, waardoor deze als één geneesmiddel worden gerekend.

Handelspreparaat

Bij ieder handelspreparaat hoort slechts één ATC-code. Een ATC-code bestaat uit zeven posities. De ATC-code begint met een letter die de anatomische hoofdgroep aangeeft, gevolgd door een cijfer wat de therapeutische hoofdgroep aangeeft. Geneesmiddelen met een gelijke ATC3-code (dus de eerste 3 posities van de code) tellen als één geneesmiddel.

Polyfarmacie

De Multidisciplinaire Richtlijn (MDR) polyfarmacie bij ouderen hanteert de volgende definitie voor polyfarmacie: polyfarmacie is het gebruik van ≥5 geneesmiddelen op ATC3-niveau die chronisch gebruikt worden door een patiënt.

Contact

Heeft u een vraag over een declaratie? Neem contact met ons op.