“De gemiddelde patiënt bestaat niet”

Nog te vaak komt het voor dat patiënten meer last ondervinden van hun behandeling dan dat zij er baat bij hebben. De oorzaak is dat bij de behandeling nog teveel wordt uitgegaan van de gemiddelde patiënt. Maar die bestaat niet, iedere patiënt is anders.

De zorg kan beter op de persoon worden afgestemd wanneer individuele behandelwensen worden gecombineerd met de biologische kenmerken van een patiënt. Persoonsgerichte zorg zal volgens CZ leiden tot één van de grootste kwaliteitsontwikkelingen in de gezondheidszorg. Maar verschillende hobbels staan nog in de weg.

Met ‘Samen beslissen’ is een grote stap gezet in de richting van de meest geschikte of wenselijke behandeling voor een patiënt. Door de behandelwensen van een patiënt een rol in de behandelkamer te geven, kan de zorg beter afgestemd worden op de wensen van een patiënt. Maar voor echte persoonsgerichte zorg is het nodig om meer rekening te houden moeten met de specifieke biologische kenmerken van een patiënt. Met ICT toepassingen zoals decision support systems, artificial intelligence en met methoden als advanced diagnostics kan de zorg afgestemd worden op iedere unieke patiënt. Op basis van bijvoorbeeld bloedafnames en/of scans kan veel beter voorspeld worden hoe goed een bepaalde behandeling zal aanslaan. Met het programma My best Treatment stimuleert CZ het gebruik van deze toepassingen.

Iedere patiënt is uniek

Eerder al werkte CZ in het kader van My Best Treatment samen met de Tilburg University en een aantal ziekenhuizen aan het verbeteren van de zorg voor patiënten met longkanker. Ook hier was het doel om meer uit te gaan van de unieke patiënt. Welke behandeluitkomsten zijn voor hem te verwachten? En hoe kun je samen de meest geschikte behandelmethode bepalen. Toekomstmuziek wil Madelon Johannesma, programmamanager Zorginnovatie bij CZ, het daarom al lang niet meer noemen. “Maar persoonsgerichte gezondheidszorg is nog lang niet zo ver als het zou kunnen zijn. Een aantal hobbels blijken brede toepassing nog in de weg te staan.” Na twee jaar kunnen de eerste lessen getrokken worden uit het programma My Best Treatment.

Vertrouwen in algoritme ontbreekt

Eén van de belangrijkste lessen, is dat gepersonaliseerde zorg een cultuurverandering vraagt van zorgprofessionals. Tot op heden was kennis en kunde van de zorgprofessional de basis voor de keus van een behandeling. Er zijn voor veel patiëntengroepen gegevens voorhanden die gebruikt kunnen worden om bijvoorbeeld de effecten van een bepaald geneesmiddel bij een grote groep verzekerden te bepalen. Aan de hand van geavanceerde diagnostiek of kunstmatige intelligentie kan goed voorspeld worden bij welk type patiënt een geneesmiddel een grote kans van slagen heeft. In de praktijk blijkt echter dat een arts in veel gevallen hierop nog niet durft te vertrouwen. Dit staat persoonsgerichte zorg in de weg.

ICT en financiering

Om succesvolle opschaling van meer persoonsgerichte zorg te bereiken, is het nodig om ict-systemen en databases meer te uniformeren. Op dit moment blijkt dat het lastig kan zijn om patiëntdata te vergelijken. Daarom wordt er met de zorg- en onderzoeksector, binnen het project Health-RI, gewerkt aan het ontwikkelen van een infrastructuur om op basis van biologische factoren het ziekteverloop en de reactie op een behandeling te kunnen voorspellen. Tot slot is het belangrijk dat er een financieringsmodel komt dat aansluit bij gepersonaliseerde zorg. Een ziekenhuis mag niet financieel gestraft worden wanneer een patiënt wordt doorverwezen omdat ergens anders meer passende zorg kan worden geboden.

CZ ziet in persoonsgerichte zorg de toekomst. Daarom wordt het programma My Best Treatment uitgebreid. Samen met andere partijen waaronder verschillende ziekenhuizen wil CZ de komende tijd stappen zetten om persoonsgerichte zorg een belangrijkere plek te laten innemen in de gezondheidszorg.